May 052012
 

Mythes en waarheden over soja 

Mythe:
Het gebruik van soja gaat al duizenden jaren terug
Waarheid:
Soja werd voor het eerst gebruikt tijdens de late Chou dynastie (1134-246) v.Chr., nadat de Chinezen geleerd hadden om sojabonen te fermenteren en er zo tempeh, natto en tamari van te maken.

Mythe:
Aziaten eten grote hoeveelheden soja.
Waarheid:
De gemiddelde consumptie van sojaproducten in China bedraagt ongeveer 10 gram (ongeveer 2 theelepels) per dag tot zo’n 60 gram in delen van Japan. Aziaten gebruiken soja in kleine hoeveelheden als toevoeging, en niet als vervanger van dierlijk voedsel.

Mythe:
Moderne soja producten zijn net zo gezond als de traditioneel gefermenteerde
Waarheid:
De meeste moderne sojaproducten worden niet gefermenteerd om zo de toxines in sojabonen te neutraliseren, en ze worden zodanig bewerkt dat de proteïnes worden beschadigd en de hoeveelheid carcinogenen toenemen.

Mythe:
Soja producten bevatten complete proteïne.
Waarheid:
Zoals alle peulvruchten bevat soja geen van de aminozuren methionine en cystine. Daarboven wordt het kwetsbare lysine gedenatureerd tijdens het bewerkingsproces.

Mythe:
Gefermenteerde soja levert vitamine B12 voor vegetariërs.
Waarheid:
Soja bevat een stof die lijkt op vitamine B12 maar deze kan niet worden gebruikt door het menselijk lichaam. Sterker nog: het gebruik van soja verhoogt de behoefte van het lichaam aan vitamine B12.

Mythe:
Babyvoeding op basis van soja is veilig voor zuigelingen.
Waarheid:
Sojavoeding bevat trypsine blokkers die de vertering van eiwitten blokkeren en de werking van de alvleesklier beïnvloeden. Uit dierproeven is gebleken dat een dieet met een hoog gehalte trypsine blokkers de groei afremde en afwijkingen veroorzaakte aan de alvleesklier. Soja verhoogt de behoefte van het lichaam aan vitamine D, die nodig is voor sterke botten en normale groei. Soja bevat ook fytinezuur, wat weer resulteert in verminderde beschikbaarheid van de mineralen ijzer en zink die nodig zijn voor de gezondheid en ontwikkeling van de hersenen en het zenuwstelsel. Soja bevat geen cholesterol, dat essentieel is voor de ontwikkeling van de hersenen en het zenuwstelsel. Enorme hoeveelheden phyto-oestrogenen in babyvoeding op basis van soja worden gelinkt aan de huidige trend dat meisjes zich steeds vroeger seksueel ontwikkelen en de vertraagde of achtergestelde seksuele ontwikkeling van jongens.

Mythe:
Soja kan osteoporose voorkomen.
Waarheid:
Soja kan zorgen voor tekorten in calcium en vitamine D, beide zijn nodig voor gezonde botten. Calcium uit bottenbouillon en vitamine D uit zeevoedsel, reuzel en orgaanvlees zorgen voor de bescherming tegen osteoporose in Aziatische landen -niet het gebruik van soja.

Mythe:
Moderne sojaproducten beschermen tegen veel soorten kanker.
Waarheid:
Een rapport van de Britse overheid concludeerde dat er weinig bewijs is dat soja bescherming biedt tegen borstkanker of enige andere vorm van kanker. In feite kan het eten van soja resulteren in een verhoogd risico op kanker.

Mythe:
Soja biedt bescherming tegen hartziekte.
Waarheid:
Het eten van soja zal bij sommige mensen leiden tot verlaagd cholesterol, maar er is geen bewijs dat het verlagen van cholesterol iemands risico op hartziekte verlaagt.

Mythe:
De oestrogenen in soja (isoflavonen) zijn goed voor je.
Waarheid:
De isofloavonen in soja zijn phyto-endocrine verstoorders. Opgenomen uit de voeding kunnen ze de ovulatie doen stoppen en de groei van kankercellen stimuleren. Zelfs het eten van slechts 30 mg isoflavonen (uit ongeveer 30 gr soja) per dag kan resulteren in hypothyeroïdie met symptomen van lethargie, verstopping, gewichtstoename en vermoeidheidsverschijnselen.

Mythe:
Soja is veilig en nuttig voor vrouwen na de menopauze.
Waarheid:
Soja kan de groei van oestrogeenafhankelijke tumoren stimuleren en schildklierproblemen veroorzaken. Lage schildklierfunctie wordt in verband gebracht met moeilijkheden gedurende de menopauze.

Mythe:
Phyto-oestrogenen in soja verbeteren de mentale capaciteit.
Waarheid:
Uit een recente studie is gebleken dat de vrouwen met het hoogste oestrogeen niveau in hun bloed de laagste cognitieve vermogens hebben; bij Amerikaans-Japanse vrouwen wordt tofu consumptie in verband gebracht met Alzheimer later in hun leven.

Mythe:
Isoflavonen en proteïne uit soja hebben de GRAS status (Generally Recognized As Safe).
Waarheid:
De Amerikaanse organisatie Archer Daniels Midland heeft onlangs de GRAS aanbeveling aan de FDA teruggenomen wegens aanhoudende protesten uit wetenschappelijke kringen. De FDA heeft de GRAS status nooit toegekend aan geïsoleerde soja proteïne vanwege zorgen over de aanwezigheid van kankerverwekkende stoffen en toxines in industrieel bewerkte soja.

Mythe:
Soja producten zijn goed voor je sexleven.
Waarheid:
Talloze dierstudies hebben aangetoond dat soja onvruchtbaarheid veroorzaakt in testdieren. Soja consumptie verlaagt testosteron bij mannen. Boeddhistische monniken aten tofu om hun libido te verlagen.

Mythe:
Sojabonen zijn goed voor het milieu.
Waarheid:
De meeste soja die wereldwijd wordt verbouwd is genetisch gemodificeerd om het boeren mogelijk te maken grote hoeveelheden herbiciden te gebruiken, dat de bodem vergiftigt.

Mythe:
Soja is goed voor ontwikkelingslanden.
Waarheid:
In de Derde Wereld wordt de traditionele oogst vervangen door soja en wordt de toegevoegde waarde van het raffineren ervan verplaatst van de lokale bevolking naar de grote multinationals.

Bron artikel: Weston A. Price Foundation USA

  No Responses to “Mythes en waarheden over soja”